Formule 1
26 november 2009

Formule 1 nieuws

Special: Jean Alesi, rijden met het hart

Special: Jean Alesi, rijden met het hart

07 juni 2007

Twaalf jaar geleden was het feest in Canada. Jean Alesi won op het Circuit Gilles Villeneuve de eerste Grand Prix uit zijn loopbaan. Velen dichtten de Fransman al jaren een gouden toekomst tegemoet, maar op de een of andere manier kwam het er nooit uit. Die ene zege in Montreal zou de enige keer blijven dat Alesi als eerste het zwart-wit geblokt zou passeren. Vandaag in de special: Jean Alesi, rijden met het hart.

Hij begon goed in de Formule 1. In 1989 stapte hij halverwege het jaar in bij het team van Tyrrell en in zijn thuisrace, op Paul Ricard, behaalde hij een knappe vierde plaats. Teambazen spitsten hun oren bij het horen van zijn naam, maar ook in 1990 reed Alesi voor Tyrrell. In de straten van Phoenix liet hij vervolgens zien dat er een nieuwe grote naam aan te komen zat.

Op Pirelli-banden, die het prima deden op het stratencircuit (vraag maar aan Pierliugi Martini, die zijn Minardi op de eerste startrij zette), greep Alesi de leiding bij de start. Pas in de 33ste ronde wist Ayrton Senna hem voorbij de steken, maar de jonge Fransman had weinig zin om de eerste positie op te geven en pakte brutaal de leiding terug in de eerstvolgende bocht.

Senna, verrast, probeerde het twee ronden later nog eens op dezelfde plek en was er dit keer definitief voorbij. Alesi schikte zich in zijn verlies en nam genoegen met de tweede plaats. Hij won weliswaar niet, maar een tweede plaats in een Tyrrell bleef niet onopgemerkt. Williams en Ferrari hadden beide interesse in hem voor 1991. Williams was op weg om een absoluut topteam te worden en Ferrari had in 1990 gestreden om de titel met Alain Prost. Alesi koos met zijn hart en ging naar de Italianen.

Het werd een ramp. De auto was in 1991 ver verwijderd van de winnaar van een jaar eerder. Alain Prost werd zelfs een race voor het einde ontslagen, omdat hij openlijk kritiek had gehad op zijn wagen. "Een truckchauffeur met enorme armen had het hier beter in gedaan", klaagde hij. Als je bij Ferrari iets niet moest doen in die tijd, was het kritiek hebben op het materiaal. Als je niet presteerde, lag dat aan jezelf. Niet aan de Ferrari. Die was heilig.

In 1993 kreeg Alesi gezelschap van Gerhard Berger en ook de Oostenrijker kon weinig maken van de onbetrouwbare en onbestuurbare Ferrari. Dankzij de gillende V12-motor had de auto echter wel een surplus aan vermogen, iets wat op Monza altijd wel van pas kwam. In de periode 1992-1995 reden er geregeld Ferrari's aan kop in Monza, vaak met Alesi als eerste rijder, maar de finish werd zelden gehaald, tot groot verdriet van de Italiaanse fans.

De eerste zege van een Ferrari na het tijdperk-Prost, kwam in 1994. Op Hockenheim was Gerhard Berger die het team weer eens deed juichen met een snaarstrakke zege. Alesi zal ongetwijfeld blij zijn geweest voor het team, maar ondertussen had hij nog geen enkele keer gewonnen. Ook zal hij wel eens teruggedacht hebben aan het aanbod van Frank Williams aan het einde van 1990. Het team had immers in 1992, 1993 en 1994 de wereldtitel bij de constructeurs gewonnen. Een bruuske actie van Michael Schumacher zorgde ervoor dat de coureurstitel slechts in twee van die drie seizoenen gewonnen werd...

In 1995 leek het beter te gaan. De Ferrari ging beter en Alesi was steeds vaker voorin te vinden. Op zijn 31ste verjaardag was daar de Grand Prix van Canada. Alesi startte vanaf de vijfde positie en zoals wel vaker dat jaar, verdween Michael Schumacher al snel aan de horizon in zijn Benetton. Toen de Duitser, met nog elf ronden te gaan, problemen kreeg met zijn auto en de strijd om de winst moest opgeven, vond Alesi zich opeens terug aan de leiding! Het publiek stond op de banken. De Ferrari nummer 27, het nummer waar ook de zo geliefde Gilles Villeneuve mee reed, lag op kop! Zou het dan eindelijk gaan gebeuren?

Alesi zelf had het niet meer in de laatste ronden. Huilend stuurde hij over de baan, zijn tranen sloegen bij ieder rempunt tegen het vizier. Hij ging winnen. En hij wist het. Het maakte niet uit dat hij het te danken had aan het uitvallen van Schumacher, die mijlenver voor lag, het maakte niet uit dat het niet in Frankrijk of Italië was, hij won. Nog steeds huilend passeerde een uitzinnige Alesi de finishvlag. De ban was gebroken, dacht men.

Helaas. Het zou bij die ene zege blijven. Alesi verhuisde het jaar erop naar Benetton, wat zonder Michael Schumacher geen schim meer was van het kampioenschapsteam, en zou nooit meer winnen. Op Monza in 1997 kwam hij er nog dicht bij, maar hij werd op pitstops verslagen door David Coulthard. Zijn overstap naar Sauber, in 1998, bracht hem nog op het podium. In de verregende, krankzinnige Grand Prix van België werd hij derde achter de Jordans van Damon Hill en Ralf Schumacher.

Twee jaar later trad hij in dienst van Alain Prost, die de renstal van Ligier had overgenomen. Het werd drie keer niks. De auto wilde niet, Prost was niet zo goed in managen als in rijden en tot overmaat van ramp lag motorenleverancier Peugeot ook regelmatig dwars.

Er kwam een opleving, opnieuw in Montreal. Alesi werd zomaar vijfde. Van blijdschap smeet hij zijn helm in het publiek. Het publiek zou hem nooit meer terugzien als F1-coureur. Alesi stapte halverwege het jaar nog over naar Jordan, maar ook dat was geen succes. Een daverende klap in zijn laatste race in Suzuka, nadat hij op een spinnende Kimi Raikkonen was gebotst, was een onwaardig einde voor deze Franse held.

Alesi reed vervolgens nog in de DTM, waar hij het redelijk deed, en dit jaar gaat hij het proberen in de Speedcar-series. Het lijkt erop dat stilzitten niet echt Alesi's kopje thee is...


Meer nieuws


Homepage



Testschema

01 dec. Jerez
02 dec. Jerez
03 dec. Jerez
Compleet overzicht