Formule 1
23 november 2009

Formule 1 nieuws

Special: Monaco 1988, Senna in tranen

Special: Monaco 1988, Senna in tranen

23 mei 2008

Komend weekend wordt in de straten van Monte Carlo de bekendste Formule 1-race van allemaal gereden. Het nauwe stratencircuit vereist een bijzonder goede wagenbeheersing en een enorm concentratievermogen. Geen wonder dat hier doorgaans de beste coureurs met de zege aan de haal gaan. Ayrton Senna won de Grand Prix van Monaco zes keer, maar een van zijn bekendste optredens in het prinsdom was in 1988. Toen won hij hem niet. Vandaag in de special: Monaco 1988, Senna in tranen.

Ayrton Senna da Silva was in 1988 een rijzende ster. Na drie jaar bij Lotus te hebben gereden, kon de Braziliaan overstappen naar McLaren, waar hij naast Alain Prost kwam te rijden. Het duo maakte in dat jaar gehakt van de concurrentie, door vijftien van de zestien races te winnen. In Monaco ging Senna altijd al hard. In de Lotus won hij al in 1987 en nu hij voor McLaren reed, was je dapper als je iemand anders dan Senna voor de zege invulde bij de wedkantoren.

Senna per scooter
Senna per scooter

De kwalificatie bevestigde dat beeld. Senna voelde zich als een vis in het water en reed rond alsof hij van een andere planeet kwam. De Braziliaan was uiteindelijk maar liefst anderhalve seconde sneller dan de rest van het veld. Achteraf zou hij aangeven dat hij in een soort tunnel terechtkwam, waarin hij alsmaar sneller en sneller ging. Senna verklaarde dat hij als het ware boven de auto zweefde en zichzelf aan het werk zag. Het ging vanzelf. Tsja... Hoe moet je daar als concurrentie nou iets tegenover stellen? Je kon in je Benetton wel flink sturen, maar als die Senna het racen tot iets spiritueels verheft en spreekt van een hogere sensatie dan het pure racen, dan sta je als medecoureur al gauw met je mond vol tanden. Senna leek onoverwinnelijk.

Prost jakkert achter Berger aan
Prost jakkert achter Berger aan

In de race werd dat beeld alleen maar onderstreept. Senna ging als eerste bij St. Devote de hoek om en Prost, gekwalificeerd op de eerste rij, verloor een plaatsje aan Gerhard Berger en zat opgesloten achter de Ferrari. Senna vloog er vandoor. Snelste ronde na snelste ronde werd genoteerd en de McLaren zat Senna als gegoten. Hij zou wel eens het hele veld op een ronde kunnen zetten als hij zo door ging. Toen Prost via een pitstop eenmaal voorbij was gekomen aan Berger, liet de Fransman echter direct de snelste ronde noteren. Senna lag echter zo ver voor dat hij bij wijze van spreken bijna de achterkant van zijn teamgenoot kon zien. Niks aan de hand, toch?

Wel in het brein van Senna. Direct nadat Prost de snelste ronde had laten noteren, pareerde Senna met een nog snellere tijd. Ron Dennis kreeg het op de pitmuur een beetje benauwd. Dit was toch zeker niet nodig? De race was praktisch gereden, Senna had bijna een minuut voorsprong en ook al zou Prost tot vlak achter Senna naderen, dan zou Dennis gewoon het 'hold positions'-teken geven. Je zou wel gek zijn om een zekere 1-2 op het spel te zetten door je coureurs tegen elkaar te laten racen in de smalle straatjes van Monte Carlo.

Dennis gaf aan beide coureurs te kennen dat ze het rustig aan konden doen. De race was binnen, nu de auto thuisbrengen. Echter, bij Senna was er iets geknapt. De concentratie, die eerst zulke buitenaardse vormen had aangenomen, was weg. Het liep niet meer. Met nog tien ronden te gaan was het opeens gebeurd. In de bocht voor het ingaan van de tunnel stond de McLaren opeens in de vangrail. Senna stapte direct uit en zag even later Prost passeren.

Senna woonde destijds in Monaco en liep vanuit zijn auto direct naar zijn appartement. Niks team bezoeken, niks evalueren, niks data analyseren. Wegwezen. De Braziliaan was diep teleurgesteld in zichzelf. Hij had Prost onder zijn huid laten komen en het had hem zo afgeleid dat het hem een zekere Grand Prix-zege had gekost. Het team probeerde hem de hele middag te bereiken, maar Senna nam niet op. Pas laat in de avond kreeg goede vriend en teamcoördinator Jo Ramirez hem te pakken. Senna was in tranen. Hij was er compleet kapot van.

Senna zou later aangeven dat de crash in Monaco en de psychologische impact ervan hem een betere coureur hadden gemaakt. Vanaf 1989 zou hij ongeslagen blijven in Monte Carlo. Zijn laatste zege kwam in 1993 en hoewel deze dankzij enig fortuin tot stand kwam, betekende het wel een recordbrekende zesde zege in het prinsdom. Tot op de dag van vandaag wordt hij daarom geroemd als de man die al zijn kwaliteiten als coureur tot uiting kon brengen op een van de lastigste circuits die de Formule 1-kalender ooit gekend heeft.

Bekijk hier hoe Senna de race in Monaco verliet:




Meer nieuws


Homepage



Testschema

04 dec. Jerez
03 dec. Jerez
02 dec. Jerez
01 dec. Jerez
Compleet overzicht