Formule 1
22 november 2009

Formule 1 nieuws

Special: Het wachten is beloond

Special: Het wachten is beloond

22 oktober 2009

"Papa... Ik ben Formule 1-coureur". Met die woorden liep een totaal verbouwereerde Jenson Button naar zijn vader na een gesprek met Frank Williams, in de winter van 2000. Vader en zoon sloten elkaar snikkend in de armen. Tien jaar later stonden ze in eenzelfde omhelzing. Jenson Button, de wereldkampioen. Wie had dat ooit gedacht?

Broekie Button
Broekie Button

In 1999 hadden maar weinig mensen buiten Engeland van hem gehoord. Jenson Button reed in het Britse Formule 3-kampioenschap en behaalde een respectabele derde plaats in de eindstand. Een nieuw seizoen in de Formule 3, of misschien een jaartje Formule 3000 zou een logische stap zijn. Maar in plaats daarvan vond hij zichzelf opeens terug in het middelpunt van de belangstelling, toen Frank Williams hem en Bruno Junqueira tegen elkaar liet testen, met als inzet een stoeltje voor 2000. Het kon amper testen genoemd worden. Regen zorgde ervoor dat de heren maar beperkt konden rijden en uiteindelijk kreeg Button het stoeltje. Hij was twintig ten tijde van zijn debuut. Nu niet zo gek, toen reden tot spot. Cartoons van een Jenson met een luier om waren niet van de lucht. 'Nog drie ronden en dan naar bed', zoiets.

In gevecht met Trulli op Indianapolis
In gevecht met Trulli op Indianapolis

Maar in plaats van ten onder te gaan in de hysterie rondom zijn persoon, antwoordde Button op de baan. Zijn eerste punt pakte hij op Interlagos, fysiek één van de zwaarste circuits op de kalender. Hij passeerde Jos Verstappen in de slotfase, die helemaal stuk zat. Button zou indruk maken in Hockenheim, waar hij vierde werd, in Spa, waar hij zich als derde kwalificeerde en op Suzuka, waar hij Japan-specialist Ralf Schumacher zoek reed. Toch moest hij aan het einde van het jaar plaatsmaken voor Juan Pablo Montoya, die al een tijdje een overeenkomst had met Williams, maar even moest opgroeien in Amerika.

Button in actie voor Benetton
Button in actie voor Benetton

De Britse pers stond op haar achterste benen. Button laten gaan? Voor die dikke Colombiaan? Jenson werd ondertussen binnengehaald door Flavio Briatore en mocht in een Benetton stappen die bij zijn eerste test zes seconden te langzaam was. Zes. Dat zijn GP2-tijden. Rotjaar voor Button, maar hij mocht blijven en in 2002 ging het een stuk beter. Het was echter niet goed genoeg voor Flavio, die Fernando Alonso promoveerde tot racecoureur. Opnieuw werd er moord en brand geschreeuwd door de tabloids en Button vond onderdak bij BAR. David Richards zag wel wat in de Brit, die inmiddels doorhad dat hij met een paar miljoen op de bank de nodige pret kan kopen. Een jachtje hier, paar knappe auto's daar, bloedmooie vriendin... Hier kon Jenson wel aan wennen.

Bij BAR was Button verantwoordelijk voor het vroege vertrek van Jacques Villeneuve. De Canadese diva vroeg al jaren een godsvermogen voor zijn middelmatige optreden en toen Button hem voor de helft van de prijs - nog steeds niet kinderachtig - om de oren reed, was Richards snel klaar met de wereldkampioen van 1997. In 2004 had het team een dijk van een auto neergezet, maar moest het accepteren dat Ferrari nog net ietsje beter was. Nou ja, ietsje... Eerst kwam Ferrari, toen een lange tijd niets, toen weer Ferrari en daarna pas BAR. Het zorgde wel voor flink wat podiumplaatsen voor Button, die eindelijk op weg leek naar een overwinning.

Maar die eerste overwinning waar Button zo naar snakte, zou pas komen in 2006. In Hongarije, waar Button vanaf de veertiende plaats begon. Het zou een waanzinnige regenrace worden, waarin Button het hoofd koel hield, goede bandenkeuzes maakte en eindelijk op de bovenste trede mocht plaatsnemen. "De eerste van velen", werd er geroepen. Helaas voor hen en natuurlijk ook voor Button zelf, frutselde Honda, zo heette het team inmiddels, een kansloze auto in elkaar voor 2007. De Earth Car, met z'n 'groene' voorkomen, was een totale mislukking. Honda plakte daar nog een rampjaar achteraan en had het toen wel gezien. De Formule 1 kostte emmers met geld en bracht ze niets op. Opeens leek het gedaan met de carrière van Button.

Maar de cavalerie kwam in de vorm van Ross Brawn en de zijnen, die het team op hun schouders namen. Er stond een auto klaar waar je u tegen zegt, er moest alleen even voldoende geld op tafel komen om het ding daadwerkelijk aan te slingeren. Mercedes stak een helpende hand toe en opeens had Brawn GP de snelste auto van het veld in handen. Slim diffusertje eronder en daar stonden ze dan. Zes zeges in zeven races, Jenson Button was herboren. Het werd even spannend in de tweede helft van het seizoen, maar Jenson is kampioen. Opnieuw stonden vader en zoon te huilen in elkaars armen. Opnieuw was er een doel bereikt. Het hoogste doel. Geen jacht, geen Bugatti, geen vrouwelijk schoon dat daar tegenop kan.


Meer nieuws


Homepage



Testschema

04 dec. Jerez
03 dec. Jerez
02 dec. Jerez
01 dec. Jerez
Compleet overzicht